Bevorderingsnormen

Aangepaste bevorderingsnormen 2019-2020

Inleiding

Overwegende dat:

  • er sinds 16 maart onderwijs op afstand is gegeven in plaats van regulier onderwijs, waarbij een kwaliteits- en effectiviteitsverlies is opgetreden;
  • het onzeker is op welke wijze en in welke mate in de maand juni onderwijs op school georganiseerd mag en kan worden, waarbij vrijwel zeker is dat leerlingen slechts een beperkt deel van de gebruikelijke lestijd op school kunnen zijn;
  • toetsing t/m periode 2 grotendeels is afgerond, maar in periode 3 niet of beperkt kan plaatsvinden. Van een zogeheten eindsprint kan dit jaar derhalve geen sprake zijn;
  • diverse thuissituaties en thuisonderwijs zorgen voor ongelijke uitgangsposities van leerlingen;
  • de huidige situatie mogelijk sociaal-emotionele impact heeft op leerlingen;

kunnen de gebruikelijke bevorderingsnormen niet worden toegepast. De schoolleiding stelt daarom voor de bevorderingsnormen (blz. 11 en 12 van de Schoolgids) voor dit schooljaar als volgt aan te passen.

Beoordeling periode van thuisonderwijs (periode 3)

Voor elk vak krijgt een leerling aan het eind van periode 3 een beoordeling voldoende/onvoldoende (letter V/O in Magister). Deze beoordeling gaat over de periode van het thuisonderwijs en is dus geen vertaling van de eerder behaalde cijfers. Hierin wordt meegewogen:

  • Aanwezigheid en inzet online lessen
  • Gemaakt werk, opdrachten

Op 6 mei en 29 mei geven de docenten een tussentijdse beoordeling zodat de leerling kan zien of hij op de goede weg is. Alleen de eindbeoordelingen van periode 3, aan het eind van periode 3, tellen zoals gezegd mee bij de overgang. Dus niet de tussentijdse beoordelingen.

Algemene bevorderingsnormen

Voor bevordering tellen de volgende gegevens mee:

  • Het voortschrijdend gemiddelde per vak (op dit moment op basis van cijfers t/m periode 2, maar eventueel ook met cijfers uit periode 3).
  • Een eindbeoordeling per vak (voldoende/onvoldoende) over de periode van thuisonderwijs.

Op 6 mei en 29 mei geven de docenten een tussentijdse beoordeling, zodat de leerling kan zien of hij op de goede weg is. Alleen de eindbeoordelingen van periode 3, aan het eind van periode 3, tellen mee bij de overgang (dus niet de tussentijdse beoordelingen).

Als een leerling voor een van deze onderdelen of beide onderdelen niet aan de norm voldoet, is hij bespreekgeval. Gezien de bijzondere omstandigheden, wordt een leerling dus nooit zonder bespreking niet bevorderd.

Beoordeling thuisonderwijs voldoende Beoordeling thuisonderwijs onvoldoende
Voortschrijdend gemiddelde voldoende bevorderd bespreekgeval
Voortschrijdend gemiddelde onvoldoende bespreekgeval bespreekgeval

Als een leerling in de bespreekzone zit, kan de rapportvergadering besluiten om

  • de leerling niet te bevorderen;
  • de leerling alsnog te bevorderen, als daar voldoende aanleiding toe bestaat;
  • de leerling een herexamen op te leggen. Als de leerling dit herexamen met goed gevolg aflegt, wordt hij alsnog bevorderd.

Verderop in dit document staan de normen per leerjaar uitgewerkt.

Bovendien geldt:

  • Als er nog toetsen afgenomen kunnen worden na 1 juni tellen die mee voor het voortschrijdend gemiddelde. Het gaat hierbij waarschijnlijk met name om SE’s in leerjaar 4 en 5.
  • Alle leerlingen hebben recht te doubleren.
  • In plaats van de specifieke bevorderingsregels met betrekking tot de klassieke talen in de onderbouw (“elfpuntenregel”) gelden dit jaar specifieke regels, alleen voor leerjaar 1 en 2 (zie daar).

Bevorderingsnormen per leerjaar, geldend voor 2019-2020

Leerjaar 1 naar leerjaar 2

Voor het voortschrijdend gemiddelde geldt:

  • Bevorderd met geen onvoldoendes of 1 onvoldoende
  • Bevorderd met twee onvoldoendes 5-5 en voor klassieke talen samen ten minste 11 punten.
  • Bevorderd met twee onvoldoendes 5-4 of drie onvoldoendes 5-5-5, en gemiddeld een 6, en voor klassieke talen samen ten minste 11 punten.

Voor de beoordelingen van het thuisonderwijs in periode 3 geldt:

  • Maximaal 2 onvoldoende beoordelingen.

Leerjaar 2 naar  leerjaar 3

Voor het voortschrijdend gemiddelde geldt:

  • Bevorderd met geen onvoldoendes of 1 onvoldoende
  • Bevorderd met twee onvoldoendes 5-5, 5-4, 5-3, 4-4. bevorderd met drie onvoldoendes 5-5-5 en voor klassieke talen samen ten minste 11 punten..
  • Bevorderd 4-3, 3-3, 5-5-4, 5-5-3, 5-4-4, 5-5-5-5 en gemiddeld een 6 en voor klassieke talen samen ten minste 11 punten.

Voor de beoordelingen van het thuisonderwijs in periode 3 geldt:

  • Maximaal 3 onvoldoende beoordelingen

Leerjaar 3 naar leerjaar 4

Leerlingen mogen per 11 mei stoppen met vakken die ze niet gekozen hebben voor leerjaar 4.

Voor het voortschrijdend gemiddelde geldt:

  • Bevorderd met geen onvoldoendes of 1 onvoldoende voor de gekozen vakken

Voor de beoordelingen van het thuisonderwijs in periode 3 geldt:

  • Maximaal 1 onvoldoende beoordeling

Een leerling mag in zijn profiel voor de vierde klas wiskunde B kiezen als het onafgeronde cijfer van het voortschrijdend gemiddelde voor wiskunde minimaal een 6,0 is en de beoordeling voor wiskunde van het thuisonderwijs in de laatste periode voldoende.

Leerjaar 4 naar leerjaar 5

Voor het voortschrijdend gemiddelde geldt:

Een leerling kan bevorderd worden van leerjaar 4 naar leerjaar 5 bij

  • geen onvoldoendes;
  • één onvoldoende (3, 4 of 5);
  • twee onvoldoendes 5-5, 5-4;
  • de cijfercombinaties 5-3, 4-4, 5-5-5, 5-5-4.

De leerling moet voor de gekozen klassieke taal in het algemene deel ten minste een (afgeronde) 5 behalen. Indien dit laatste niet het geval is, volgt de leerling in de vijfde klas verplicht een extra lesuur in die klassieke taal.

Voor de beoordelingen van het thuisonderwijs in periode 3 geldt:

  • Maximaal 2 onvoldoende beoordelingen

Leerjaar 5 naar leerjaar 6

Voor het voortschrijdend gemiddelde geldt:

  • Een leerling is bevorderd van leerjaar 5 naar leerjaar 6 wanneer hij voldoet aan de slaag-/zakregeling of maximaal één punt tekort komt hiervoor.

Voor de beoordelingen van het thuisonderwijs in periode 3 geldt:

  • Maximaal 2 onvoldoende beoordelingen

De leerling moet voor de gekozen klassieke taal in het algemene deel ten minste een (afgeronde) 5 behalen. Indien dit laatste niet het geval is, volgt de leerling in de zesde klas tot de kerstvakantie verplicht een extra lesuur in die klassieke taal.

Reguliere bevorderingsnormen

(niet geldend voor 2019-2020)

Leerlingen krijgen na alle drie de periodes een rapport. De cijfers op dit rapport geven een voortschrijdend gemiddelde weer, d.w.z het ge middelde tot op dat moment.

Periode 1 = gemiddelde t/m periode 1, afgekapt op 1 decimaal

Periode 2 = gemiddelde t/m periode 2, afgekapt op 1 decimaal

Periode 3 = gemiddelde t/m periode 3, afgekapt op 1 decimaal

Aan het eind van het schooljaar krijgt de leerling voor elk vak een eindcijfer. Het op een geheel getal afgeronde gemiddelde cijfer van het hele schooljaar.

Binnen onze bevorderingsnormen nemen de klassieke talen (Grieks en Latijn) een bijzondere positie in. Dit betekent dat niet alleen moet worden voldaan aan algemene, vak-onafhankelijke normen, maar ook aan normen die specifiek voor de klassieke talen gelden.

Als een leerling in de bespreekzone zit, kan de rapportvergadering besluiten om

  • de leerling niet te bevorderen;
  • de leerling alsnog te bevorderen, als daar voldoende aanleiding toe bestaat;
  • de leerling een herexamen op te leggen. Als de leerling dit herexamen met goed gevolg aflegt, wordt hij alsnog bevorderd.

In uitzonderingsgevallen kan de vergadering een leerling tot ‘bijzonder geval’ uitroepen, waardoor de normen buiten werking worden gesteld.

Bevorderingsnormen voor de leerjaren 1, 2 en 3

N.B.: niet geldig voor schooljaar 2019-2020

Indien een leerling geen onvoldoendes of slechts één onvoldoende op zijn eindrapport heeft, wordt hij bevorderd naar de volgende klas. Bij meer onvoldoendes hanteert de rapportvergadering de volgende bevorderingsnormen:

Algemeen

N.B.: niet geldig voor schooljaar 2019-2020

leerjaar 1 naar leerjaar 2: bevorderd met twee onvoldoendes 5-5.
bespreekzone 5-4, 5-5-5 en gemiddeld ongeveer een 6.
leerjaar 2 naar
leerjaar 3:
bevorderd met twee onvoldoendes 5-5, 5-4, 5-3, 4-4.
bevorderd met drie onvoldoendes 5-5-5.
bespreekzone 4-3, 3-3, 5-5-4, 5-5-3, 5-4-4, 5-5-5-5 en gemiddeld ongeveer een 6.
leerjaar 3 naar
leerjaar 4:
bevorderd met twee onvoldoendes 5-5, 5-4, 5-3, 4-4.
bevorderd met drie onvoldoendes 5-5-5, 5-5-4.
bespreekzone 3-3, 4-3, 5-4-4, 5-5-3, 5-4-3, 4-4-4, 5-5-5-5 en gemiddeld ongeveer een 6.

Specifiek

N.B.: niet geldig voor schooljaar 2019-2020

Voor de klassieke talen moeten samen ten minste 11 punten (afgeronde rapportcijfers) worden behaald. Indien dit niet het geval is, krijgt de leerling bij de beoogde overgang van:

  • leerjaar 1 naar 2 of 2 naar 3 voor de klassieke taal met het laagste cijfer op het eindrapport (of met het laagste onafgeronde jaarcijfer) een niveautest opgelegd, die nog voor de eindrapportvergadering wordt afgenomen. Het behaalde cijfer voor de niveautest telt niet mee voor de bepaling van de cijfers voor de klassieke taal op het eindrapport. De leerling kan alleen bevorderd worden, als:
    • hij voor de niveautest een voldoende (ten minste 5,5) gehaald heeft;
    • hij reeds bevorderbaar was op basis van bovenstaande algemene bevorderingsregels.
  • leerjaar 3 naar 4 voor de klassieke taal die de vakdocent wenselijk acht (al naar gelang een vak beter afgerond of voor het volgende leerjaar beter voorbereid moet worden), een niveautest opgelegd, die nog voor de eindrapportvergadering wordt afgenomen. Het behaalde cijfer voor de niveautest telt niet mee voor de bepaling van de cijfers voor de klassieke taal op het eindrapport. De leerling kan alleen bevorderd worden, als:
    • hij voor de niveautest een voldoende (ten minste 5,5) gehaald heeft;
    • hij reeds bevorderbaar was op basis van bovenstaande algemene bevorderingsregels.

Een leerling mag in zijn profiel voor de vierde klas wiskunde B kiezen als het on-afgeronde eindcijfer minimaal een 7,0 is.

Pensum

Een leerling die bevorderd is, kan door de docentenvergadering één pensum of twee pensa geadviseerd krijgen. Een pensum wordt gegeven om de leerling in de gelegenheid te stellen een achterstand voor de aanvang van het volgende schooljaar ongedaan te maken. De verantwoordelijkheid voor het pensum ligt bij de leerling en de ouders.

Programma van toetsing en afsluiting leerjaren 4, 5 en 6 (PTA)

Vanaf het vierde leerjaar worden schoolexamens (SE’s) afgenomen, die meetellen voor het eindexamen. In het vierde, vijfde en zesde leerjaar stelt de school daarom een PTA op met daarbij het schoolexamen- en eindexamenreglement. Het PTA omvat verder de stofomschrijvingen, het toets-schema per vak, informatie over de weging van de toetsen en bevorderingsnormen. Per leerjaar wordt een aantal regels aangegeven die specifiek gelden voor het Erasmiaans Gymnasium. Het PTA is te vinden op de website (https://www.erasmiaans.nl/pta/).

Bevorderingsnormen van leerjaar 4 naar 5

N.B.: niet geldig voor schooljaar 2019-2020

Een leerling kan bevorderd worden van leerjaar 4 naar leerjaar 5 bij

  • geen onvoldoendes;
  • één onvoldoende (3, 4 of 5);
  • twee onvoldoendes (5-5, 5-4).

De leerling zit in de bespreekzone bij:

  • de cijfercombinatie 5-3, 4-4, 5-5-5, 3-4, 5-5-4, 5-5-3, 5-4-4.
  • de cijfercombinatie 5-5-5-5 in de profielen N&G en N&T.

De leerling moet voor de gekozen klassieke taal in het algemene deel ten minste een (afgeronde) 5 behalen. Indien dit laatste niet het geval is, volgt de leerling in de vijfde klas verplicht een extra lesuur in die klassieke taal.

Bevorderingsnormen van leerjaar 5 naar 6

N.B.: niet geldig voor schooljaar 2019-2020

Om bevorderd te worden van leerjaar 5 naar leerjaar 6 hanteren we in principe de slaag-/ zakregeling. Indien een leerling één of twee punten te weinig heeft, komt hij in de bespreekzone en neemt de docentenvergadering een besluit. Bovendien geldt dat indien een leerling voor de klassieke taal een cijfer lager dan een afgeronde 5 heeft behaald, de leerling in de zesde klas verplicht een extra lesuur in de klassieke taal volgt.